Actieprogramma 'Kansrijke start' voor een gezonde ontwikkeling van kinderen

ongeveer 2 maanden geleden gepubliceerd

Het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS) is gestart met het actieprogramma ‘Kansrijke start’. Dit programma is gericht op het bevorderen van de samenwerking tussen beroepsgroepen die met jonge gezinnen werken. Het doel is om ieder kind een goede start te geven.

De basis voor gezond opgroeien

Het belang van een gezonde start in het leven is groot. Dr. Tessa Roseboom, hoogleraar Vroege ontwikkeling en gezondheid aan de Universiteit van Amsterdam, benadrukt dat kinderen zo vroeg mogelijk een goede basis moeten krijgen om gezond op te groeien en zich optimaal te ontwikkelen.

Het belang van onderzoek

In samenwerking met CBS-hoogleraar Registeranalyses van levensloopdynamiek, prof. dr. Ruben van Gaalen, is er een onderzoek gestart om factoren die een kansrijke start belemmeren in kaart te brengen. De resultaten van dit onderzoek kunnen bijdragen aan beleidsvorming om ontwikkelingsachterstanden bij specifieke groepen te voorkomen.

De waarde van data

Van Gaalen benadrukt het belang van data van de Centra voor Jeugd en Gezin. Deze data, die betrekking hebben op onder andere geboorte, zwangerschap en spraakontwikkeling, zijn belangrijk om beter inzicht te krijgen in de ontwikkeling van kinderen. Het bij elkaar brengen en toegankelijk maken van deze data is een belangrijk aandachtspunt.

Risicofactoren voor kansrijke start

Voor het CBS-onderzoek zijn kinderen gevolgd die in 2006 zijn geboren. De studie richtte zich op vijf risicofactoren die een kansrijke start kunnen belemmeren: onderwijsniveau, arbeidsdeelname, welvaart, gezinsstabiliteit en mentale gezondheid. Uit het onderzoek bleek dat kinderen uit bijstandsgezinnen de grootste kans hadden op een minder kansrijke start.

De impact van de eerste duizend dagen

Roseboom verwierf wereldwijde bekendheid met haar Hongerwinter Onderzoek. Hierin onderzocht ze de ontwikkeling van kinderen die verwekt en geboren zijn tijdens de hongerwinter van 1944/45. Uit dit onderzoek bleek dat deze kinderen als volwassenen meer risico hadden op onder meer diabetes, hart- en vaatziekten en depressieve klachten.

Het belang van investeren in kinderen

Roseboom pleit voor meer investeringen in kinderen om hen de kansen te geven zich optimaal te ontwikkelen. Ze stelt dat er momenteel te weinig wordt geïnvesteerd in preventie, en te veel in het oplossen van problemen die het gevolg zijn van een valse start.